Na veel matige communicatie was het de vraag of het vrijwilligerswerk dat Yaar en ik van te voren hadden geregeld door zou gaan, maar op de valreep kregen we te horen dat we vanaf don 7 december welkom waren. We pakten de chicken bus en na een geweldige tocht kwamen we om 17:00 aan bij het kantoor van AMRIS Mujeres in het dorpje San Sebastián, Huehuetenango. We werden meteen hartelijk ontvangen door Mario en Johanna. Mario komt hier vandaan en is de coördinator van de organisatie. Johanna komt uit Duitsland en is ook een vrijwilliger hier.
Zo slecht als de communicatie vooraf met Mario was, zo warm was het welkom nu. Mario en Johanna namen ons meteen op sleeptouw en lieten ons de 2 straten zien waar het dorpje uit bestaat. We haalden een ijsje en aten die avond een heerlijke lokale maaltijd met elkaar die Mario en Johanna hadden gemaakt. Het was helaas Johanna’s laatste avond dus we hebben er nog even van genoten met elkaar!
We kregen deze avond en ook tijdens de introductie de ochtend erna meer te weten over AMRIS Mujeres. De organisatie is in 1998 opgericht door Anastasia, een Guatemalaanse vrouw, en richt zich op de rechten van de vrouwen van de inheemse stammen in het specifieke gebied San Sebastián. Binnen deze inheemse stammen schijnt er veel machoïsme te zijn waardoor vrouwen vaak al op de leeftijd van 15 jaar trouwen en/of kinderen krijgen. Ze mogen vaak niet studeren omdat “de man dat al doet en hij gaat werken”. Soms kunnen ze zelfs niet eens lezen of schrijven. Aangezien ze een inheemse taal spreken en hierdoor niet altijd even goed ook nog Spaans spreken, is hun cirkel erg klein en kunnen ze ook niet op andere manieren meer te weten komen over de rechten die ze hebben. AMRIS Mujeres zet zich in voor deze vrouwenrechten en maakt de vrouwen meer bewust van de rechten die ze hebben door middel van het geven van workshops. Daarnaast bieden ze in bepaalde gebieden ook werkgelegenheid zodat de vrouwen ook hun eigen geld kunnen gaan verdienen. Echt een heel erg mooi initiatief! Het voelt bijzonder om hier te zijn.
Mario werkt als enige coördinator voor deze organisatie waardoor we al snel merkten dat hij ontzettend druk is. Hij is het aanspreekpunt voor alle 300 (!) aangesloten vrouwen, de vrijwilligers, de sponsors, etc. Het is bijzonder indrukwekkend om te merken met hoeveel passie hij over dit werk en deze organisatie praat, en hoe hij zich als vrijwel enige man binnen deze organisatie staande houdt. De keerzijde hiervan is dat we ook al snel merkten dat we redelijk aan ons lot worden overgelaten en we eigenlijk zelf een beetje moeten uitzoeken wat we kunnen doen. Gelukkig is er door vorige vrijwilligers een heel draaiboek opgesteld waardoor we ons meer konden inlezen. Als vrijwilliger hadden we de keuze om ons op de achtergrond van de organisatie met meerdere taken bezig te houden. Aangezien we zagen dat de social media kanalen niet heel actueel waren en we het een mooie kans vonden om met Mario mee te kunnen naar de communities waar de vrouwen wonen/werken voor het maken van foto’s, kozen we ervoor ons hiermee bezig te houden. We bespraken dit meteen vrijdag met Mario en hij vond alles helemaal prima, dus dat was fijn! De rest van die eerste dag namen we nog wat andere documenten door en verkenden we het dorpje.
Het is bijzonder hoe we merkten dat onze kijk op het dorpje hier met de tijd is veranderd. Bij aankomst vonden we de plek prachtig. Het ligt midden in de bergen, het is heel kleurrijk en het is bijzonder om zoveel vrouwen van inheemse stammen met traditionele kleding te zien. Maar naarmate we langer op deze plek waren en dezelfde tocht naar de markt dagelijks aflegden, zagen we met de dag meer problematiek.
Het grootste probleem werd ons al snel duidelijk: alcoholisme. Zodra we een voet buiten de deur zette, zagen we een man dronken op de grond liggen. In de 10 min wandeltocht naar de markt toe kwamen we er steeds minstens 8 tegen. We hebben er veel gesprekken met elkaar en Mario over gehad. Het voelt zo mensonterend dat je mensen over andere mensen die op de grond liggen, heen ziet stappen. We vonden het echt heel heftig om te zien en om te realiseren dat dit dus als een soort uitweg voelt voor mannen om aan de ellende te ontsnappen.
Een ander groot probleem is de afvalverwerking in dit dorp. Die is er namelijk niet. Schijnbaar is de dichtstbijzijnde plek om afval weg te gooien in Huehuetenango, zo’n 30 min met de auto. Waar je overigens ook schijnt te moeten betalen voor het kunnen weggooien van afval. Er is jaren geleden vanuit AMRIS een aanvraag gedaan voor een bepaald afvalverwerkingssysteem voor dit dorp. Hier zou geld voor worden opgestuurd zodat het geregeld kon worden, maar dit geld is nooit aangekomen. Er is hierdoor een enorme afvalberg ontstaan, naast de stromende rivier. Toevallig kijkt de kamer waar Yaar & ik slapen hierop uit – we slapen in het gebouw waar zich ook het kantoor van AMRIS bevindt – waardoor we ons opeens de luxe van frisse en schone lucht beseffen. Want man wat stinkt het vreselijk en voelt het ongezond om hier te zijn. Wij zitten hier ‘gelukkig’ slechts 2 weken maar de mensen die hier wonen zitten hier altijd in…
Wat we verder van Mario hebben gehoord en wat we ook hebben gezien met eigen ogen is malnutrition. Alle shops hier verkopen alleen chips, koekjes, soda en bier. Als er kinderen met hun moeders meekomen naar AMRIS nemen ze serieus als ontbijt 2 zakjes chips en een blikje soda. Dat schijnt heel normaal te zijn. We hebben ons verder rot gezocht naar een eettentje waar we een gezonde ‘normale’ maaltijd kunnen halen. Op zich zijn er wat plekken waar we rijst met bonen en kip kunnen vinden, maar er zitten nooit groenten bij en je lacht je rot als je de rijst eet en beseft hoeveel gram zout daar wel niet in moet zitten. Tegelijkertijd hebben vrijwel alle mensen van boven de 30 hier geen heel gebit meer. Zelfs bij kinderen zie je soms al rottende plekken. Weten ze niet dat je je tanden moet poetsen? Of dus minder suiker moeten eten… De problemen lijken zich op te stapelen en Yaar en ik worden er regelmatig verdrietig van als we beseffen dat de situatie vooralsnog uitzichtloos lijkt te zijn voor de mensen hier…
Ondanks de problematiek vonden we het heel erg fijn om hier te zijn. Hoe bijzonder is het om een kijkje te krijgen in het dagelijks leven van mensen hier en op onze manier toch een steentje bij te dragen aan het verbeteren van de situatie. We probeerden dan ook zoveel mogelijk mee te krijgen van het leven hier. Dat betekende dat we in het weekend net zoals de rest van het dorp bij voetbal-wedstrijden zaten te kijken. Ook slenterden we lange tijd door de markt op zoek naar iets te eten. We vonden een kraampje en genoten van een kommetje groentesoep.
Helaas hebben we dat geweten: de dag erna lagen we met een voedselvergiftiging in bed. Net die dag kwamen er 50 vrouwen naar het kantoor van AMRIS voor een workshop waardoor wij die ochtend op de kinderen zouden passen. Ik was al 6x naar de wc geweest voordat ze kwamen dus ik ben in bed gebleven, maar Yaar was zo dapper het nog te proberen. Echter kwam ook zij 2 uur later ziek naar de kamer. Helaas… Wat balen!
Gelukkig ging het dinsdag wel meteen wat beter én waren er 2 heel leuke nieuwe vrijwilligers bij gekomen: Chloé en Bérenice uit Frankrijk. We klikten meteen en verdeelden vanaf nu de taken. We gaven ze wat uitleg over AMRIS en de paar uren daarna ging ik aan de slag met een reel maken. Chloé en Bérenice hebben hun eigen kamer maar we delen de keuken samen, dus die avond en nog veel andere momenten hingen we hier met z’n 4’en. Wel moest ik echt even schakelen nu ik opeens weer met huisgenoten woonde en we rekening met elkaar moesten houden. Ook spraken we in het begin vrijwel alleen Spaans met elkaar waardoor je mij aan het einde van de dag echt kon opvegen. Ik was helemaal gesloopt. Gelukkig zijn we inmiddels al een stuk beter op elkaar ingespeeld en switchen we soms ook naar het Engels, waardoor ik m’n energie iets langer vast kan houden.
Woensdag was een bijzondere dag voor AMRIS: vrijwel alle 300 aangesloten vrouwen kwamen naar het kantoor toe om het afgelopen half jaar met elkaar door te bespreken. Mario en zijn collega’s waren enorm gespannen voor deze dag waardoor het nog specialer voelde om erbij te mogen zijn. Met z’n 4’en hielpen we die ochtend met alles klaarzetten en gedurende de bijeenkomst was het aan ons om alle 30 kinderen uren te vermaken. Een behoorlijke opgave. Wel moet ik zeggen dat het bijzonder opvallend was om te zien hoe extreem rustig de kids waren. Het duurde best een tijdje voordat ze wat losser kwamen. Heel verschil met al die krijsende kids in NL 🤪 Verder was het die dag heel bijzonder om zoveel vrouwen bij elkaar te zien, met bepaalde traditionele kleding aan en een bepaald vuur om te strijden voor hun rechten. De bijeenkomst was in mam (de lokale taal) waardoor er weinig van te volgen was voor ons, maar indruk maakte het wel! Ik sloot de dag af met een bezoekje aan Huehuetenango met Mario, Chloé en Bérenice om wat boodschappen in te slaan. Het was echt een geslaagde dag!
Donderdag was een wat rustigere dag die bestond uit sporten, schoonmaken en wat sociale media taken. Vrijdag daarentegen was opnieuw voor ons een bijzonder: we mochten met Mario mee naar 2 communities in de bergen! Qua werkzaamheden was er voor ons, op het maken van foto’s na, niet veel te doen, maar we hebben wel echt onze ogen uitgekeken. In de dorpen middenin de bergen voelde het opeens alsof we 200 jaar terug de tijd in gingen. Mens en natuur leven hier samen en dat was toch wel heel indrukwekkend om te zien. De mensen hier zijn zo goed als zelfvoorzienend en leven duidelijk een simpeler leven dan dat wij gewend zijn. Mario moest de financiën met ze doornemen en dit ging uiteraard nog allemaal met pen en papier. Als snack tussendoor kregen we een ‘güisquil’, een groente die erg proefde als een aardappel maar die een soort cactushuid had en waarvan we de binnenkant van de pit konden eten. Als drankje kregen we een soort mais limonade met bizar veel suiker. Bijzonder!
We werden in de 2e community uitgenodigd om te blijven lunchen dus zaten we, voor we het wisten, weer aan een soort groentesoep met kip. Yaar en ik waren nog even bang hier opnieuw ziek van te worden maar het lijkt goed te zijn gegaan. Chloé en Bére gaven echter wel aan last te hebben van hun darmen… Tja. We zijn natuurlijk niks gewend 🙂 De rest van vrijdag was echt een heerlijke dag: na alle indrukken die ochtend rustten we wat uit, waarna we met z’n 4’en een getekende wereldkaart op de muur gingen inkleuren/verven. Dit was echt top met een muziekje op de achtergrond. Diezelfde dag kwamen er nog 2 vrijwilligers bij: de Spaanse Laura en de Franse Simon, een stel. We besloten die avond meteen met elkaar te koken en te eten en sloten de dag af met een fantastisch spel. De sfeer zit er goed in en belooft nog veel goeds voor de komende (laatste) dagen hier!
